Door pijnboombossen brengt de bus ons naar het startpunt van deze toer boven het door de zon verwende Aridanedal.
Voor ons breidt zich een onwerkelijk landschap uit, dat doet denken aan een skigebied - alleen in plaats van sneeuw zijn de hellingen bedekt met zwart-bruine fijne lavakiezeltjes.
We “lopen” een stuk van deze lavahelling naar beneden. Jonge groen-gele pijnbomen groeien uit de zwarte bodem, alsof ze er hier en daar ingestoken zijn. Rechts van ons zien we de grillige kraterrand van de Caldera oprijzen.
Na wilde vijgen- en kastanjebomen, komen we door een lichtdoorlatend pijnbomenbos. Plotseling wordt onze weg verspert door een brede, gestolde lavastroom. Het is een uitloper van de vulkaanuitbraak van San Juan. Heden ten dage is nog altijd duidelijk de loop van het magma te herkennen. De vlechtachtige in elkaar gedraaide lavabanden zien eruit alsof zij pas gister in de stroom zijn verstart.
Deze lavastroom heeft in 1949 grote delen van Las Manchas en San Nicolas onder zich begraven.
Snel daarna kunnen met eigen ogen zien, hoe snel het eens zo vruchtbare land zich inmiddels weer heet hersteld: voor ons breiden zich namelijk de wijnvelden van Las Manchas met hun jonge ranken uit. Vulkanische bodem houdt bijzonder lang de warmte vast, wat de eilandwijn een krachtige smaak geeft. We kunnen ons daar na onze wandeling van overtuigen door bij het nuttigen van de typische tapas de inheemse wijn te proberen.